2010 North Sea Tall Ships Regatta
| ARZV leden in de North Sea Tall Ships Regatte. Reisverslag van Bert Albrink. |
Vorig jaar ingeschreven voor een zeilrace tussen de Sail steden Hartlepool en Amsterdam. 11 Augustus dit jaar gestart bij Hartlepool vervolgens 6 dagen zeilen op de Noordzee en 17 augustus in IJmuiden finishen als tweede in de C-klasse, tweede plaats overall en het Nederlandse schip met de meest gevaren mijlen. Een wel héél korte omschrijving van wat ons de afgelopen weken is overkomen.
Een asgrauwe lucht, zware regenbuien en windstoten zijn het decor wanneer wij aan de staart van de vertrekkende sail -Amsterdam schepen richting Zaandam varen. Het voelt alsof we het hele circus eigenlijk nog niet los willen laten. Een gevoel van weemoed. Maar het dringt langzaam tot ons door dat het afgelopen is. We worden in dit decor in een soort slowmotion wakker uit een onwezelijke droom zo lijkt het. Want de afgelopen twee weken zijn we ondergedompeld geweest in een onvoorstelbare en fantastische wereld.
Na een korte vakantie in Whitby (met familie aan boord) melden wij ons 5 augustus voor de sluis bij Hartlepool, als deelnemer aan de na het weekeinde te varen North Sea Tall Ships Regatta. We worden direct met alle egarts ontvangen door de organisatie welke in handen is van STI (Sail Training International ). Drie dagen eerder is er vanaf Kristiansand een vloot vertrokken voor de STI race naar Hartlepool. Wij krijgen een plaats toegewezen aan de eerst binnen gekomen schepen van die race. Dat zijn snelle jachten als de Spaanse Hansa , de Challenger 2 en 4, de Rona 2, de Spaniel, Lietuva,Dasha,Thermoplyae clipper en Dar Szczecina allen 60 á 70 foot schepen.
Wij liggen naast de Belgische Tomidi een Whitbread racer uit de jaren tachtig die eventjes droog beweren tijdens de race 22 knopen als hoogste snelheid geklokt te hebben! Nadat we ’s avonds de indrukwekkende vloot bekeken hebben en ons notedopje vanaf de overkant van de haven zien liggen bekruipt ons het gevoel in de verkeerde film terecht te zijn gekomen. Wij zijn Calimero en zij zijn groot.We piesen haast in ons broek van het lachen ( en misschien wel de zenuwen) wanneer we ons bedenken wat we hier eigenlijk komen doen met ons bootje van 10.93 meter! Wie denken we eigelijk wel te zijn om het op te nemen tegen dit soort klasse C en D boten laat staan de A en B klassers, de echte Tallships. We zien links en rechts om ons heen indrukwekkende vlaggenlijnen gehesen worden met hele series Tallships race deelname vlaggen. Vaak ononderbroken series vanaf 1992 ! Slik. Wij hebben een gezellig bootje maar niet eens een knappe vlaggenlijn. Schuchter hijs ik een (te kort) pavoiseerlijntje met te kleine plastic vlaggetjes wat ik ergens onder in de boot vind. Doen we toch nog een beetje mee!
Maar de organisator lijkt ons echt serieus te nemen en zoekt naar oplossingen om ons té gebrekkige uitrusting aan te vullen. Zo moet er een tweede commmunicatiemiddel aan boord komen naast de marifoon. Zij lenen ons daarvoor een Inmarsat-C instalatie die uiteindelijk op Rob zijn laptop gaat werken. Zij regelen een auto met chauffeur om mij zaterdag door de sail massa heen naar een zaak te rijden die mij de nog ontbrekende veiligheidsmiddelen kan verschaffen. We krijgen een uitnodiging voor het Captainsdiner en zij zijn bereid ons aan passende kleding hiervoor te helpen. Vanaf het eerste uur hebben wij voor dit soort hulp een Liaison-Officer toegewezen gekregen. Ieder deelnemend schip +bemanning krijgt zo’n persoonlijke begeleider tot zijn beschikking gedurende het evenement.
Al met al hebben we nauwelijks de tijd om onszelf niét serieus te nemen. We zitten midden in een circus waarin geen weg meer terug is. En dan komt zondagmorgen de crewwissel. Joke en de vakantiegangers gaan en Rob, Cees en Jannes de regatta crew komen aan boord en zijn vanaf de eerste minuut koortsachtig in de weer om de Inmarsat-C aan de praat te krijgen. Een uur later lopen we in een waanzinnige crew parade mee met ons viertjes en ons bord “RIYAL netherlands” de vaderlandse eer hoog te houden voor zover dat voor ons dus mogelijk is.Honderdduizenden mensen staan ons toe te juichen terwijl we nog nul comma niks gepresteerd hebben. Wederom voelt het voor ons alsof het allemaal onecht is.
De volgende morgen tijdens de “Captains briefing” in het Town Hall Theatre wordt pas duidelijk hoe de race gevaren zal worden.
Een nieuwe opzet die door de Nederlanders binnen de STI is ingebracht naar het voorbeeld van de 24 uurs van Medemblik maar dan 5 maal en te varen in een gebied op de Noordzee grofweg tussen Schotland en Denemarken. Waypoints als denkbeeldige boeien om te ronden en de finish is eveneens een Waypoint zo’n 60 mijl boven Terschelling. Aan boord wordt de yellowbrick geplakt waarmee de raceorganisatie de vloot kan volgen.
Dan is de dag van de start aangebroken. Een kaartplotter heb ik zelf niet aan boord. Rob,zelf een ervaren zeiler, heeft zijn plotter van huis meegenomen en we zijn uren bezig om deze van (voldoende)stroom te voorzien. Iets wat om voor ons duistere electronica wetten maar niet wil lukken. Één uur voor de start lijkt het dan toch gelukt en zetten op de motor koers richting de start lijn. Dan valt de plotter alsnog uit en alle pogingen met soldeerbout en al mogen niet baten. We hijsen 5 minuten voor de start de zeilen ruimen in de resterende minuten de rotzooi op en zien in onze ooghoeken de overige deelnemers op een onlogische koers richting de startlijn varen. Paniek aan boord wat is hier de bedoeling van?? We besluiten in een flits niet eigenwijs te zijn en de anderen maar te volgen en worden keurig buiten de startlijn uitgezwaaid door de raceorganistie op het startschip. Rob heeft haastig e.e.a. nog op zijn fotocamera vastgelegd. We houden het er maar op dat hier sprake is van een (ons natuurlijk onbekende) soort etiqette binnen de Tallship Familie.
De eerste avond valt. Het wordt een inktzwarte nacht. Ons eerste waypoint ligt ter hoogte van Edinburgh en zouden we met de lopende NW wind rond middernacht bereiken. Maar de tot 25 knopen aantrekkende wind kruipt mee naar het noorden. Knijpend aan de wind krijg ik een stel lichten in het vizier welke we niet kunnen thuisbrengen.
Hebben we te maken met een groot vrachtschip of iets anders en welke koers kan ik eruit op maken? We komen er niet uit. Wanneer ik denk kort voor zijn boeg gekomen te zijn en zie hoe de lichten dansen op de golven durf ik het niet aan er voorlangs te varen en we laten ons afvallen.
In de gitzwarte nacht kan ik maar niet goed hoogte krijgen wat er achter de lichtjes schuil gaat en laat me zover afvallen dat we uiteindelijk een gijp maken en weer richting de kustlijn varen. Maar “het monster” blijft ogenschijnlijk op de zelfde afstand onze richting op komen. Na een ruim uur in een grote circel gevaren te hebben zien we het ding eindelijk wenden en van ons af varen. In het schijnsel van zijn eigen heklichten meen ik een tallship te ontwaren . Ik ben er sjachrijnig van, we zijn meer dan een uur van ons doel afgeraakt. Dat begint wel lekker zo! Voor dat er eindelijk licht in de duisternis komt liggen we (dan nog) op een goed bezeilde oostelijke koers richting volgende waypoint 120 mijl verderop.We zien al uren geen enkel schip meer om ons heen. Een onrustige maar totaal lege zee. En als ’s morgens het communicatieschip de Stad Amsterdam al buiten ons marifoon bereik blijkt te vallen om onze positie door te geven bekruipt ons weer een gevoel van ‘ in welke film zitten we eigenlijk en wat is onze rol dan wel’?
We houden ons voor dat de olympische gedachte “meedoen is belangrijker dan winnen” onze drijfveer moet blijven. Maar met een inmiddels ernstig zeezieke Jannes aan boord wordt het lastig ook dat in stand te houden. De laatste 40 mijl van het rak moeten we opkruisen. We doen uren en uren extra over dit stuk.
Cees en ik zijn katterig . In deze sombere situatie blijkt Rob werkelijk een kanjer. Hij is in staat onder de moeilijkste omstandigheden een heerlijke pot eten te verzorgen is een optimist en geestelijk en fisiek onvermoeibaar. Al vanaf de start was er voor mij geen enkele twijfel over zijn zeiltechnische kwaliteiten zodat ik rustig mijn slaap pauze’s kan nemen. Maar Jannes trekt het niet meer hij is echt doodziek en kreunt ,zet mij maar in Den Helder af en ga maar met zijn drieën verder. Hij heeft er geen notie van dat de dichts bijzijnde haven anderhalve dag varen weg is en dat laat ik maar zo. Maar ongerust word ik er wel van en besluit in gedachte dat wanneer er bij het bereiken van waypoint H geen verbetering is we linea recta naar Den Helder koersen.

Dan komt er het omslag moment. Via de marifoon komt er een tussenstand door ; klasse C Riyal tweede en overall derde! We geloven het niet ,er zullen wel fouten gemaakt zijn in de positie verwerking of zoiets. Maar dan krijgen we andere boten in het vizier de Endorfina voor ons en achter ons nog een en aan de horizon zien we twee tall ships. De wind is wat weggevallen en Jannes roept plotseling om een broodje gebakken ei!! Er begint een voorzichtig geloof te groeien dat we echt meedoen en de olympische gedachte veranderd in een strijders mentaliteit. We gaan ervoor.
We beuken nog ontelbare uren moederziel alleen tegen de wind in. Op alle volgende rakken keert de wind zich tegen ons. Ongelooflijke klappen en bakken water verwerkt de boot en haar bemanning. We voelen ons groot maar ook nietig tegelijk. De giek breekt uit het lummelbeslag maar het kan ons niet deren. Met 25 tot 30 knopen ware wind brengt alleen de genua ons ook wel naar de streep. Maar de wind valt weg en er komt een dichte zeemist opzetten. Als een zwaan zo statig glijdt plots de prachtige Urania vlak langs ons richting de streep. We groeten elkaar en zij is het laatste dat wij tot IJmuiden zullen zien van de vloot. Het net niet optijd halen van de finish kost ons slechts 3 strafmijlen.
Hé Bert ik zie dat jullie boven Vlieland zitten,gefeliciteerd jullie zijn tweede in jullie klasse en tweede overall geworden!? Onbegrijpelijk dit hebben we ons nooit gerealiseerd maar het is 01.00 uur zijn opweg naar IJmuiden en het thuisfront ziet ons varen en weet wat onze (voorlopige) klassering is. Verbazing en ongeloof overheersen de volgende uren en vele sms berichten verder als blijkt dat zij al die dagen veel beter dan wijzelf op de hoogte geweest zijn van wat wij uitspookten op zee.
In IJmuiden worden we verwelkomt alsof we helden zijn. Worden direct geintervieuwd door de STI die trots op hun site meldt “succes for smallest crew in fleet”. Plots zijn we hot. We hebben de meeste schepen achter ons gelaten hoe kan dat toch?
Achteraf blijkt zeeziekte zo ongeveer de gehele vloot verlamt te hebben. Het vele opkruisen vanwege de onverwachte winddraaiingen naar de oosthoeken was zeer nadelig voor de grote tallships. En om dezelfde reden én de harde wind hebben de D-klasse schepen hun voordeel van lichtweer zeilen mogen voeren niet kunnen gebruiken. Zo zijn de zware omstandigheden voor ons kleine bootje een voordeel gebleken.

In een euforische stemming en een trots gevoel van een echt volwaardig onderdeel van de Sail vloot te zijn koersen we naar Amsterdam. De crewparade het captainsdiner het contact met de overige regatta deelnemers en de organisaties maken dat het beleven van de Sail-evenementen van binnenuit heel bijzonder is, een fantastisch circus. Nu begrijpen we ook de trotse betekenis van de vlaggenlijnen met hele series jaartallen van deelnamevlaggen op de vloot van deelnemende schepen. Deze vlaggen willen wij ook maar al te graag verzamelen. Deel blijven uitmaken van die prachtige Tallships-familiy.
Colofoon:
Wat was dat toch met die vreemde start procedure? Tijdens de de-briefing in IJmuiden komen wij er achter dat wij het contrastartschip nooit gezien hebben. Door ons koortsachtige gesleutel vlak voor de start om de kaartplotter aan de gang te krijgen hebben wij het gehele overzicht van de startsituatie gemist. Wat wij dachten dat het contraschip zou zijn was feitelijk een schip wat de no-gone zone begrensde. Het echte contraschip lag minstens 2 mijl naar stuurboord en hebben we nooit gezien.
De ingeving om maar achter de rest aan te starten bespaarde ons dus een disqualificatie. Oef.
De verlichting die we opweg naar waypoint B niet thuis konden brengen waren achteraf van een vissers schip. Achteraf bleek ook dat geen van de deelnemers waypoint B correct heeft “gerond”. De aanleiding om in te schrijven voor deze race was een klein artikeltje in het blad Zeilen mei 2009. Hierin werd aangegeven dat het onder voorwaarden mogelijk is voor gewone zeiljachten in te schrijven voor deelname aan de North Sea Tall Ships Regatta 2010. Een race tussen de twee sailsteden Hartlepool en Amsterdam. Het leek mij zo’n unieke kans om in Hartlepool een sailevenement mee te maken en vervolgens met die prachtige vloot op te varen naar IJmuiden en vervolgens als deelnemer Sail Amsterdam mee te maken dat ik informatie ben gaan inwinnen. Een voorwaarde is dat minimaal de helft van de bemanning uit jongeren tussen de 15 en 25 jaar dient te bestaan. Onze zoon Jannes had tot dan niets met zeilen maar als ik hem het idee voorhoudt zegt hij tot mijn eigen verbazing er wel wat in te zien als er ook een van zijn vrienden mee kan. Hij vind zijn vriend Cees Peeping aan zijn zijde voor dit avontuur dus inschrijven maar.
Maar bij inschrijving vorig jaar oktober denken wij aan een race in rechte lijn van Hartlepool naar IJmuiden ongeveer 2 dagen zeilen. Als dit voorjaar duidelijk wordt dat het om een race over 7 dagen gaat moeten we op zoek naar een extra ervaren bemanningslid. We vinden die in de persoon van Rob Vooren. Jannes en zijn vriend Cees Pepping moeten een keer extra slikken bij het idee van 7 dagen op zee te zitten maar gaan er uiteindelijk toch voor. Achteraf zijn het allemaal bikkels geweest die in omstandigheden terecht gekomen zijn die ze nooit van te voren hebben kunnen bedenken. Mooie momenten maar ook zware beproevingen. Er is onder de bemanning echter niet één seconde van onderlinge spanning geweest. Een ieder nam zijn verantwoordelijkheid naar beste kunnen. Rob heeft hier een grootse bijdrage in geleverd doordat hij als enige in staat bleek onder alle omstandigheden voor een natje en droogje te kunnen zorgen. Dat is van onschatbare waarde om het moraal op peil te houden. Het zij gezegd.
Het verbaast ons zéér dat achteraf blijkt dat wij de enige Nederlandse deelnemer zijn die naar aanleiding van het bewuste artikeltje vorig jaar in blad Zeilen hebben ingeschreven voor dit schitterende evenement. STI de organisator van de sail-races zegt nieuwe deelnemers (ook gewone jachten) graag te ontvangen. Zo hebben wij dat ook echt ervaren. We voelden ons zeer welkom in de Tallships-family.
Tenslotte willen wij het thuisfront eren want zij hebben het uiteindelijk mede mogelijk gemaakt dat we dit konden meemaken. Voor hen als achterblijvers waren de nachten dat wij op zee zaten misschien wel langer en zwaarder dan voor de bemanning.
De bemanning van de RIYAL bestond uit de trainees Jannes Albrink en Cees Pepping en de ervaren Rob Vooren en eigenaar Bert Albrink allen wonende in Akersloot en Uitgeest. De RIYAL of Hamble (voluit) is een uiterst solide Rival 36 centreboard bouwjaar 1983. Zij heeft de wereld al tweemaal rond gezeild . Haar thuishaven is de ARZV te Akersloot.



